Dakpannen op flauwhellende daken

Geschikte dakpanmodellen voor flauwe dakhellingen tussen de 20 en 25 graden

Keramische dakpannen kun je uitstekend toepassen op flauwhellende daken. Zo realiseer je ook bij zulke daken het esthetische effect van een pannendak. Uiteraard moet je bij een flauwhellend dak wel extra aandacht besteden aan de waterhuishouding van het dak. Door de beperkte dakhelling wordt het water namelijk minder snel afgevoerd, en is de ventilatie onder de pannen minder. 
 
Is de dakhelling kleiner dan 20 graden? Neem dan altijd eerst contact op met onze technische afdeling.

Randvoorwaarden flauwhellend dak vanaf een dakhelling van 20°

Om keramische dakpannen toe te passen op een flauwhellend dak, moet je met een aantal zaken rekening houden: 
  • Het dak voorzien van een waterkerend en damp-open membraam, zoals Koramic Classic dakfolie. Dit hoeft niet als de dakplaten volgens de specificaties van de leverancier voldoende waterdicht zijn. 
  • Zorg voor goede ventilatie van de dakspouw door een vrije tengelhoogte van minimaal 20 millimeter boven het waterkerend dampdoorlatend membraan. 
  • Houd de dakvoet over de gehele tengellengte open voor ventilatie-instroom en zorg voor een open nokconstructie voor ventilatie-uitstroom.
  • Gebruik bij voorkeur duurzame panlatten en tengels. 
  • Kies voor verglaasde pannen. Niet-verglaasde pannen blijven langer vochtig, wat mos- en algvorming bevordert. 
  • De lengte van het dakschild – dat is de afstand tussen goot en nok – mag in meters niet meer zijn dan de helft van het aantal graden van de dakhelling. Bij een helling van 16 graden mag het dak dus maximaal 8 meter lang zijn. 
  • Is het dak langer? Gebruik dan halverwege het dakschild een rij ventilatiepannen – 1 pan per meter, hart-op-hart.
  • Voor voldoende overlap van de dakpanmodellen met een variabele latafstand moet je uitgaan van 50% van de variabele waarde. Dit is bij flauwhellende daken de maximale latafstand. 
  • Vlakke dakpannen waarvan de zijsluiting lager ligt dan de waterlijn, moet je in verband leggen.
  • Zorg voor een goede luchtdichte onderdakconstructie om condensatie tegen de onderkant van de dakfolie te voorkomen.
  • Plan de werkzaamheden dusdanig in dat de werkzaamheden van de dakdekker als laatste worden uitgevoerd. Hierdoor wordt materiële schade door het belopen van de dakpannen zoveel mogelijk voorkomen. Maak gebruik van een ladder als iemand toch op het dak moet zijn. 

Nog vragen?

Nog vragen als bouwprofessional? Neem dan gerust contact op met de afdeling Technische Ondersteuning van Wienerberger via 088-11 85 111, of stuur een e-mail naar info.nl@wienerberger.com. Ben je particulier, dan verwijzen wij je graag door naar de bouwmaterialenhandelaar.